Ik ben de ziel en leef in jouw lichaam; jouw tempel.
Toen jij de baarmoeder verliet, kwam ik met je mee op aarde.
Ik beweeg je en beziel je, ben je innerlijke stem.
Ik laat je genieten, maar laat je ook verdriet voelen, ik leid je en ga je voor.
Je kunt me zien als jouw “meester”. Ik ben jouw reuk, smaak, blik en tastzin.
Ik ben jouw gevoel en jouw vertrouwen, jouw balans en jouw goddelijke en kosmische sturing.
Ik zet je aan tot communiceren en laat jou je zielsverwanten ontmoeten.
Deze zielsverwanten maken mij voor jou transparant;
leren jou iets over mij, …..…..zeggen je waarom jij hier op aarde bent.
leren jou iets over mij, …..…..zeggen je waarom jij hier op aarde bent.
Ik ben het liefst in heel jouw lichaam, van je voeten tot in je kruin.
Maar als je pijn of angst voelt in je buik, sta je mij daar niet meer
toe en ga ik naar boven; hogerop je tempel in.
toe en ga ik naar boven; hogerop je tempel in.